Chirurgijns kenden deze wortel beter dan wij
Wie “alruin” googelt, komt binnen een halve minuut uit bij een schreeuwende wortel. Harry Potter populariseerde het beeld, maar het verhaal is veel ouder. Plinius de Oudere schreef er al over, en middeleeuwse kruidenboeken waarschuwden dat je dood kon neervallen als je de wortel hoorde gillen.
Mooi verhaal. Maar de échte reden om voorzichtig te zijn met Mandragora officinarum zit niet in geluid.
Dioscorides beschreef in de eerste eeuw na Christus dat artsen wijn lieten trekken op de alruinwortel voordat ze gingen snijden. Die wijn werkte. Patiënten verloren het bewustzijn en voelden niets van de ingreep. De Hortus Sanitatis herhaalde in 1497 het recept, met een waarschuwing erbij: te veel en de patiënt stierf. Dat was geen bijgeloof. Alruinwijn was een van de eerste gedocumenteerde vormen van verdoving in de westerse geneeskunde.
De wortel bevat niet wat de meeste bronnen zeggen
Open een willekeurig kruidenboek en je leest dat alruin scopolamine bevat. Dat klopt niet. Onderzoek van de universiteit van Haifa laat zien dat Mandragora officinarum het gen mist om hyoscyamine om te zetten in scopolamine. Het enzym is er wel, maar functioneert niet.
Wat zit er dan wél in? Vooral hyoscyamine, tot tien keer meer dan in verwante nachtschaden. En atropine, maar dat is eigenlijk geracemiseerd hyoscyamine, dezelfde stof in een andere moleculaire configuratie.
Hyoscyamine blokkeert acetylcholine in het zenuwstelsel. Droge mond, verwijde pupillen, hartkloppingen, verwardheid. Bij hogere doses hallucinaties en bewusteloosheid. Nog iets verder en je stopt met ademen. Wij bij Avalon verkopen de alruinzaden om te kweken als bijzondere plant, niet om te consumeren. We zeggen dat er eerlijk bij.
Van Plinius tot Jeanne d’Arc
Het verhaal van de schreeuwende wortel komt waarschijnlijk van Flavius Josephus, de Joods-Romeinse geschiedschrijver uit de eerste eeuw. Hij beschreef een plant genaamd baaras die een dodelijk geluid maakte bij het uittrekken. De middeleeuwse oplossing: bind een hond aan de wortel en lok het dier weg. De hond sterft, jij niet.
Plinius nam het over. De kruidenboeken gingen er nog verder mee. De wortel had een mensvormige gedaante en schreeuwde als een baby. Illustraties uit de twaalfde en dertiende eeuw tonen mannetjes met bladeren op hun hoofd, vastgebonden aan honden. Het klinkt komisch, maar het was bloedsereus.
Tijdens het proces van Jeanne d’Arc in 1431 beschuldigden haar rechters haar ervan een alruinwortel bij zich te dragen. Dat was geen botanische observatie. Het bezit van een alruinwortel gold als bewijs van hekserij.
Vliegzalven met bilzekruid en belladonna
De link met hekserij gaat verder dan bijgeloof. Middeleeuwse recepten voor vliegzalven bevatten steeds dezelfde drie planten: alruin, bilzekruid en belladonna. Alle drie nachtschaden, alle drie vol tropane-alkaloïden.
Heksen smeerden deze zalf op de huid en ervoeren vervolgens het gevoel dat ze vlogen. Klinkt absurd? De farmacologie maakt het minder vreemd dan je denkt. Tropane-alkaloïden worden door de huid opgenomen. In hoge doses geven ze levendige hallucinaties, desoriëntatie en het verlies van het gevoel van zwaarte. Iemand onder invloed van deze stoffen kán oprecht het gevoel hebben gehad te vliegen.
Werkte het écht zo? Dat weten we niet zeker. Maar de chemie klopt. Bilzekruid bevat dezelfde alkaloïden als alruin en is al duizenden jaren in gebruik als bedwelmend middel.
Alruinzaad kweken is een geduldsproef
Wil je zelf een alruinplant kweken? Bereid je voor op wachten. De zaden moeten eerst een koude stratificatie ondergaan: een tot drie maanden in vochtig zand bij 1 tot 5 graden, in de koelkast. Zonder die koude periode kiemen ze niet.
En dan beginnt het pas. Kieming duurt acht tot twaalf maanden. Ja, maanden! Veel kwekers geven halverwege op en gooien de pot weg, terwijl het zaad gewoon nog aan het wachten is.
Lukt het wel, dan heb je een prachtige rozetplant met gerimpelde, donkergroene bladeren. De wortel wordt diep en vlezig, soms vertakt in een vorm die vaag aan een menselijk lichaam doet denken. Vandaar de de naam “mandragora” en al die middeleeuwse illustraties.
Een diepe pot van minstens 30 centimeter, zanderige en licht alkalische grond, halfschaduw. Geef de plant een droge rustperiode in de zomer, daarna flink water. Sommige kwekers melden bloei na anderhalf jaar, anderen wachten drie tot vier jaar.
Alruin is in Nederland volledig legaal. De plant staat niet op de Opiumwet en de zaden worden gewoon verkocht. In onze exotische zaden collectie vind je de Mandragora officinarum zaden naast verwante soorten als bilzekruid. We hebben ook een kweekgids voor Hawaiian baby woodrose als je meer exotische zaden wilt proberen.
Alruin is wat ons betreft de meest fascinerende plant in onze hele collectie. Geen plant draagt zoveel geschiedenis met zich mee. Maar houd hem uit de buurt van kinderen en huisdieren. De alkaloïden zitten in álle delen, ook in de bladeren en de gele vruchten. Prachtig om te kweken, giftig om aan te zitten.